De Belgische arbeidsmarkt kampt tegelijk met krapte én inactiviteit. Terwijl vacatures moeilijk ingevuld raken, blijft een aanzienlijke groep mensen zonder job buiten beeld van werkgevers. Nieuw onderzoek van UGent@Work toont dat die afstand tot werk zelden één duidelijke oorzaak heeft, maar het resultaat is van een complex samenspel van drempels.
Een arbeidsmarkt met vacatures, maar ook met afstand
De ambitie van de regering-De Wever is duidelijk: meer mensen aan het werk krijgen. In een krappe arbeidsmarkt, met tienduizenden openstaande vacatures, lijkt dat op het eerste gezicht logisch. Toch botst dat streven op een hardnekkige realiteit: België telt een grote groep mensen op arbeidsleeftijd die niet werkt én niet actief naar werk zoekt. De sleutel tot een hogere werkzaamheidsgraad ligt dus niet alleen bij werklozen, maar vooral bij de groep inactieven. Dat zijn onder meer langdurig zieken, huisouders en mensen die ontmoedigd zijn geraakt of afhankelijk zijn van een leefloon.
Maar wat verklaart die afstand tot de arbeidsmarkt?
Om die vraag te beantwoorden, bevroeg UGent@Work – samen met onderzoeksbureau Bpact – meer dan duizend Vlaamse inactieven. De resultaten, aangevuld met internationaal onderzoek, schetsen een genuanceerd beeld. Geen eenvoudige verklaringen, wel een samenspel van factoren die elkaar versterken.
Zo blijkt bijvoorbeeld dat 20% van de langdurig zieken aangeeft dat werken financieel onzeker of minder voordelig kan zijn, 19% zorgtaken opneemt en een grote groep – ongeveer 6 op 10 – weinig intentie heeft om opnieuw werk te zoeken. Bij huisouders spelen andere overwegingen: meer dan een derde houdt rekening met de fiscale impact binnen het gezin. De cijfers geven geen eenduidig antwoord, maar maken wel duidelijk dat de afstand tot werk zelden het gevolg is van één enkele reden.
Gezondheid en werk: een moeilijke balans
Voor langdurig zieken is de link met gezondheid vanzelfsprekend, maar tegelijk complexer dan vaak wordt aangenomen. Het gaat niet alleen om de aanwezigheid van klachten, maar ook om hoe die het dagelijks functioneren beïnvloeden.
Veel mensen geven aan dat hun belastbaarheid schommelt. Wat vandaag lukt, is morgen misschien niet haalbaar. Dat maakt het moeilijk om in te stappen in jobs die vertrekken van vaste ritmes en verwachtingen.
Opvallend is dat ook buiten de groep van langdurig zieken gezondheidsproblemen regelmatig worden genoemd. Dat wijst op een bredere realiteit waarin gezondheid en arbeid niet altijd naadloos op elkaar aansluiten.
Werken moet ook lonen maar dat is niet altijd vanzelfsprekend
Voor een deel van de inactieven speelt de financiële afweging een rol. Niet zozeer omdat werken niet zou lonen, maar omdat de overgang naar werk gepaard kan gaan met onzekerheid. Sommige mensen vrezen dat ze bepaalde voordelen verliezen wanneer ze opnieuw aan de slag gaan. In dat geval wordt de stap naar werk minder evident, zeker wanneer het verschil in inkomen beperkt is.
Bij huisouders komt daar nog een bijkomende dimensie bij. In sommige gezinnen heeft de beslissing om (opnieuw) te gaan werken gevolgen voor de belastingdruk, wat mee wordt meegenomen in de afweging. Daarnaast geeft een groep aan dat hun huidige situatie voor hen volstaat, waardoor de druk om werk te zoeken minder groot is.
Twijfel over kansen op de arbeidsmarkt
Naast concrete drempels spelen ook verwachtingen een rol. Heel wat inactieven vragen zich af hoe groot hun kansen zijn op de arbeidsmarkt. Die twijfel heeft verschillende vormen: de vrees dat gezondheidsproblemen een rol zullen spelen bij aanwerving, het gevoel dat een lange periode zonder werk tegen hen kan werken of onzekerheid over hoe leeftijd of achtergrond wordt beoordeeld.
Onderzoek toont dat dergelijke factoren inderdaad invloed kunnen hebben op aanwervingskansen. Dat maakt het begrijpelijk dat ze ook het gedrag van mensen beïnvloeden, nog vóór ze effectief solliciteren.
Zelfvertrouwen en eerdere ervaringen
Werk zoeken vraagt niet alleen kansen, maar ook vertrouwen. Voor een deel van de inactieven is dat vertrouwen broos. Twijfels over eigen vaardigheden, onzekerheid over het sollicitatieproces of negatieve ervaringen uit het verleden kunnen maken dat mensen minder snel stappen zetten. Tegelijk wijst onderzoek erop dat dit geen vast gegeven is. Wanneer mensen opnieuw positieve ervaringen opdoen of ondersteuning krijgen, kan dat vertrouwen opnieuw groeien.
Niet elke job past bij elke situatie
Hoewel het aantal vacatures hoog is, ervaren sommige inactieven dat het aanbod niet aansluit bij hun mogelijkheden. Dat heeft vaak te maken met werkuren die moeilijk combineerbaar zijn met zorg of gezondheid, de aard of intensiteit van het werk of het gevoel dat vaardigheden niet (meer) aansluiten. Het beeld dat ontstaat, is dat van een arbeidsmarkt waar vraag en aanbod elkaar niet altijd vinden, ondanks de aanwezigheid van vacatures.
Het belang van context: zorg, mobiliteit en netwerken
Naast de grotere structurele factoren spelen ook praktische elementen mee. Zorgtaken zijn daar een duidelijk voorbeeld van, zeker bij huisouders, maar ook bij andere groepen. Daarnaast kunnen mobiliteit, toegang tot kinderopvang en beschikbaarheid van begeleiding het verschil maken tussen kunnen en willen zoeken naar werk.
Ook sociale netwerken spelen een rol. Mensen die minder toegang hebben tot informatie, ondersteuning of contacten, ervaren vaak extra afstand tot de arbeidsmarkt.
Afstand tot werk groeit met de tijd
Een van de meest consistente bevindingen is dat de afstand tot werk toeneemt naarmate mensen langer inactief blijven. De intentie om werk te zoeken daalt, onzekerheden nemen toe en de drempel wordt groter. Dat maakt het moment waarop mensen ondersteuning krijgen cruciaal. Tegelijk toont het onderzoek dat een deel van de inactieven wel openstaat voor werk, al vertaalt die houding zich niet altijd in concrete stappen.
Een complex vraagstuk zonder eenvoudige oplossing
De vraag waarom mensen zonder job geen werk zoeken, laat zich moeilijk reduceren tot één verklaring. De realiteit is gelaagd en verschilt sterk van persoon tot persoon. Wat het onderzoek vooral duidelijk maakt, is dat keuzes rond werk ingebed zijn in een bredere context van gezondheid, financiële zekerheid, verwachtingen en mogelijkheden. Voor beleid betekent dat dat er geen eenvoudige hefboom bestaat. De uitdaging ligt eerder in het creëren van omstandigheden waarin meer mensen de stap naar werk als haalbaar én zinvol ervaren. In die zin is de vraag niet alleen waarom mensen niet werken, maar ook hoe werk beter kan aansluiten bij de realiteit van wie vandaag aan de zijlijn staat.





