Professor HRM Ralf Caers over de grens van goede intenties
Deze week bleven twee thema’s nadrukkelijk hangen in mijn achterhoofd. Het eerste thema was de blijde intrede van Sinterklaas, waarbij verschillende grote mediakanalen uitpakten met foto’s van een (terug van weggeweest) zwarte zwarte piet. Dat was al opvallend op zichzelf, maar de vele lovende reacties over hoe mooi de piet wel was, deden er nog een schepje bovenop. Het tweede thema was de nieuwe pano-reportage over het grensoverschrijdende gedrag van sommige professoren. De programmamakers blikten tijdens deze reportage terug op hoe het ondertussen vergaan is met de professoren wiens grensoverschrijdende gedrag drie jaar geleden werd aangekaart. Zie je de link al?
Laten we beginnen bij zwarte piet, die in 2019 nog aanstootgevend werd genoemd door de algemene vergadering van de Verenigde Naties. Zij verwezen daarvoor naar de blackface en de minstrel-historiek tijdens de slavernijperiode in de Verenigde Staten. Minstrellen waren toneelstukken waarbij blanke Amerikanen hun gezicht zwart schminkten om karikaturen van zwarte slaven op te voeren en hen veelal als dom, lui en onbeschaafd voor te stellen. De exclusie van zwarte mensen uit het gezelschap en uit het publiek en de honende toon van het toneelstuk voedden destijds al de beschuldigingen over gevoelens van blanke suprematie. Ook na het afschaffen van de slavernij en de minstrellen zou de blackface nog steeds met die neerbuigende connotatie verbonden blijven.
Wie zich in deze modernere tijden alsnog zwart verft voor vertier, zou vanuit een bepaalde visie eenmalig vergoelijkt kunnen worden: misschien is men wel onwetend over de minstrellen en past men het gedrag aan zodra men wél goed geïnformeerd is. Maar aangezien de Sinterklaastraditie verder bleef gaan met zwarte piet, bleek dat perspectief dus niet te kloppen en werden aanhangers steeds nadrukkelijker weggezet als racistisch, of minstens niet-woke.
In een tegenbeweging werd gewezen op het belang van intentie. Men argumenteerde dat het zwarte gezicht zich dit keer niet associeerde met neerbuigende minstrellen, maar met een positief kinderfeest. Door afstand te nemen van het eerste en het negatieve gevoel erover te erkennen, wou men aantonen dat men geen slechte intentie had om zwarte mensen uit te lachen of in een slecht daglicht te plaatsen. Met zo’n insteek hoeft niemand zich dus een slachtoffer te voelen ook al ziet men de blackface, omdat er geen slechte intentie achter zou zitten. En wie zich toch een slachtoffer voelt, is dan ofwel slecht geïnformeerd of overdreven woke.
Het is die redenering die ook opduikt in de pano-reportage, wanneer het toxische gedrag van een professor onvoldoende blijkt te wegen in de strafmaat. Volgens de tuchtcommissie lag zijn stijl misschien niet elk lid van de groep, maar dat zijn stijl negatief overkwam bij de klagers zou niet noodzakelijk betekenen dat er sprake was van grensoverschrijdend gedrag. De intentie was dus niet per se slecht. Zijn de slachtoffers hier dan ook slecht geïnformeerd of overdreven woke?
Een hr-professional moet zich de vraag stellen of er inderdaad alleen gehandeld moet worden als een werknemer slecht gedrag combineert met een slechte intentie. En dus of dat onbedoeld pijn doen geen pijn doet. Wie gelooft dat pijn pijn doet, ook als de intentie goed was, werkt preventief aan richtlijnen en aan mediatie. Zodat pijn wordt voorkomen of door snel ingrijpen meteen wordt verzacht. Daarbij moet het maatschappelijk perspectief op HRM boven de persoon-organisatie fit worden gezet. Je kan beweren dat mensen die bizar leiderschap oké vinden zich nog steeds goed kunnen voelen in organisaties met bizarre leiders, maar er blijven grenzen aan fatsoen. Trop is teveel, alles met mate.
Laten we deze week dus maar gebruiken om eens na te denken over hoe vergevend wij zijn voor een goede intentie en of we daardoor slecht gedrag en de gevolgen ervan wel goed genoeg aanpakken. Anders krijgen we misschien later de zwarte piet toegespeeld.
Ralf Caers
===
In zijn wekelijkse rubriek ‘Chili con Caers’ geeft Ralf Caers smaak aan de HR-actualiteit en roept hij op tot kritische reflectie





