Bijna de helft van de werknemers in ons land vindt dat de werkdruk te hoog is. Opvallend: ook nagenoeg even veel werkgevers erkennen dat. De helft van de organisaties zegt bovendien dat de werkdruk het voorbije jaar (duidelijk) is toegenomen, in de eerste plaats door gebrek aan personeel. Een andere vaststelling: één op de vijf bedrijven kreeg het voorbije jaar te maken met de re-integratie van langdurig zieke werknemers. Dat blijkt uit een onderzoek van hr-expert Acerta bij 2.000 werknemers en meer dan 600 bedrijven.
Acerta bevroeg zo’n 2.000 werknemers in ons land hoe ze hun werk, en dan vooral de werkdruk, het voorbije half jaar ervaren hebben. Wat blijkt? Zo’n 1 op de 2 landgenoten (45,9%) vindt die duidelijk te hoog. Iets minder dan de helft (49,1%) zegt dat zijn/haar werkdruk in balans is. Een kleine minderheid (zo’n 5%) schat de werkdruk dan weer (veel) te laag in, waardoor een bore-out om de hoek loert. Opvallend: ook aan de kant van de werkgevers vinden ze dat de werkdruk in hun organisatie best wel hoog is. 45,7% van de werkgevers is die mening toegedaan. Volgens bijna de helft van de werkgevers (47,2%) en meer dan de helft van de werknemers (54,9%) is die werkdruk bovendien het afgelopen jaar een beetje tot veel hoger geworden.
Waarom de werkdruk het voorbije jaar toenam? 27% van de werknemers en 25,2% van de werkgevers geeft een gebrek aan personeel als voornaamste oorzaak aan. Op de tweede plaats staat bij werknemers en werkgevers een toename van de taken en verantwoordelijkheden. Dat is voor 26% van de werknemers en 16,7% van de werkgevers de voornaamste reden voor de gestegen werkdruk.
Focus op welzijn op het werk
Om het werk werkbaar te houden, nemen heel wat ondernemingen wel allerhande welzijnsinitiatieven. Die zijn zeker de voorbije jaren, met de toegenomen aandacht voor de langdurig zieken in ons land, als paddenstoelen uit de grond geschoten. Zeven op de tien bedrijven (69,6%) bieden intussen flexibele arbeidsvoorwaarden aan, zodat werknemers de workload beter kunnen spreiden. 71,1% zet in op meer zinvol werk voor iedere individuele werknemer. Voor dat laatste focussen werkgevers vooral op autonomie en beslissingsruimte in het werk (43,8%). Ook werknemers vinden dat de belangrijkste bron van voldoening (37%) in hun job.
Daarnaast focussen werkgevers veel op een sterke teamcultuur en samenwerking (40,7%). Dat is voor veel minder werknemers (24%) het belangrijkste. Omgekeerd zet slechts 22,5% van de werkgevers in op een gevarieerd takenpakket als bron van zinvol werk. Voor de werknemers is dat nochtans de tweede belangrijkste bron van voldoening met 34%.
Werk van re-integratie als werknemer toch uitvalt
Nagenoeg 7 op de 10 (69%) werknemers in ons land geven aan dat ze zich goed voelen in hun job, ondanks de hoge werkdruk. Tegelijkertijd lossen de welzijnsinitiatieven, waarmee werkgevers de werkdruk proberen te verminderen, niet alles op. Bijna een kwart van de werknemers (24%) heeft nog het gevoel tegen een burn-out aan te lopen.
Bijna 2 op de 10 werkgevers (19,9%) geven aan dat ze het voorbije jaar te maken kregen met de re-integratie van langdurig zieke werknemers. De re-integratie verliep meestal binnen een officieel re-integratietraject, volgens de werkgevers (61,7%). Over het succes van hun initiatieven rond re-integratie zijn organisaties best wel positief. Bijna 7 op de 10 geven zichzelf op dat vlak een score van 7 of meer op 10.
Kristel Minten, expert re-integratie bij Acerta: “Preventief inzetten op welzijn en re-integratie is cruciaal om werknemers zo lang mogelijk aan boord te houden. Meer dan ooit zelfs vandaag, in deze tijden van krapte op de arbeidsmarkt. Het is dan ook goed om te zien dat werkgevers inspanningen leveren om het welzijn op het werk te bevorderen, met initiatieven die ook vaak bij werknemers prioritair zijn. Als medewerkers toch uitvallen, door een combinatie van factoren, komt het erop aan hen duurzaam terug naar het werk te begeleiden en op te volgen. Dat proces is allesbehalve eenvoudig. Als ondernemingen een helder beleid uitwerken waarin duidelijk de afspraken en verantwoordelijkheden van alle betrokkenen beschreven staan en dit consequent wordt toegepast, is de kans op een blijvende terugkeer het grootst.”





