Een recordaantal Belgen werkt minstens twee zondagen per maand binnen de hoofdactiviteit. Hun aandeel steeg van 10,3% twintig jaar geleden naar 13,7% nu. Vooral jongeren onder de 25 werken vaak op zondag (18,1%). Dat blijkt uit onderzoek van hr-expert Acerta op basis van de meest recente gegevens van statistiekbureau Eurostat. Ook opvallend: maar liefst twee op de drie Belgen zijn bereid op zon- en feestdagen te werken als hun werkgever dat zou vragen.
De (aangekondigde) extra zondagsopeningen van verschillende supermarkten doen het debat over zondagswerk in ons land weer oplaaien. Maar hoe kijkt de Belg naar zondagswerk? En hoe vaak werkt de Belg op zon- en feestdagen? Hr-expert Acerta onderzocht daarvoor de meest recente cijfers van het Europees statistiekbureau Eurostat. Wat blijkt? In twintig jaar tijd is het aantal Belgen dat binnen de hoofdactiviteit vaak op zondag werkt, sterk toegenomen. In 2005 werkte 10,3% van de Belgen minstens twee zondagen per maand. In 2025 is dat aandeel gestegen tot 13,7%. Zowel mannen (14,2%) als vrouwen (13%) werken geregeld op zondag.
Kathelijne Verboomen, directrice Kenniscentrum Acerta: “De evolutie van de cijfers het afgelopen decennium wijst op een verschuiving in hoe werknemers en werkgevers kijken naar de organisatie van arbeidstijd. Waar zondagswerk vroeger eerder uitzonderlijk was, lijkt het vandaag steeds vaker gezien te worden als een normaal onderdeel van flexibel werken. Toch is het niet zo eenduidig als het wel lijkt. Vandaag geldt volgens de arbeidswet nog altijd zondagsrust en is werken op een feestdag verboden. Op dat basisprincipe geldt een rist uitzonderingen. Het blijft hoe dan ook een bijzonder complexe materie.”
Dat de klassieke weerstand tegen zondagswerk lijkt af te nemen, zien we ook in de toegenomen frequentie van zondagswerk. In 2005 werkte nog 13,5% van de totale werkende bevolking minstens één zondag per maand binnen de hoofdactiviteit. De voorbije twee decennia daalde dat tot 10,1%, terwijl minstens twee zondagen werken per maand steeg van 10,3% naar 13,7%. Het aantal Belgen dat op zondag werkt, is op zich dus wel stabiel gebleven op twintig jaar tijd, als we de percentages voor minstens één zondag en minstens twee zondagen optellen (23,8% in 2005 en 2025). Belgen die op zondag werken, doen dat wel vaker.
Populair bij jongeren
Kortom, we kunnen de trage, maar gestage opmars van zondagswerk niet ontkennen. Vooral bij jongeren (20 tot 24 jaar) groeit het aantal werkenden dat minstens twee zondagen per maand (‘gewoonlijk’) bij zijn werkgever aan de slag is tot 18,1%.
Werknemers tonen grote bereidheid
Bijkomend onderzoek van Acerta bij zo’n 2.000 werknemers en meer dan 500 bedrijven in ons land toont aan dat werknemers een grote bereidheid tonen om (nog meer) op zon- en feestdagen te werken. Bijna twee op de drie (63,8%) staan open om op zon- en feestdagen te werken als hun werkgever dat vraagt. Vier op de tien onder hen (39,4%) verwachten daarvoor wel een compensatie in loon of extra vakantie. Voor bijna een kwart (24,4%) hoeft die compensatie zelfs niet.
Kathelijne Verboomen, directrice Kenniscentrum Acerta: “Zondagswerk maakt duidelijk steeds vaker deel uit van de klassieke werkweek. Voor de werkgevers biedt zondagswerk een antwoord op specifieke noden, zoals het opvangen van piekdrukte, het inspelen op consumentenpatronen en het flexibel organiseren van personeel. We kunnen veronderstellen dat de werknemers zondagswerk beschouwen als een opportuniteit om bij te verdienen. Dat kan ook verklaren waarom vooral jongeren (18,1% van 20 tot 24-jarigen) op zondag werken.”





