Pingpong over langdurig zieken mist de kern

Ralf Caers: “Niet regels maar relaties bepalen of re-integratie werkt.”

Het opvallendste nieuws van deze week was ongetwijfeld het ping-pong spelletje tussen VOKA en Frank Vandenbroucke over de langdurig zieken. Het is blijkbaar een doorn in het oog van de werkgeversorganisatie dat huisartsen opeenvolgende ziektebriefjes van meerdere maanden kunnen schrijven. Dat zou volgens VOKA maximaal een maand mogen zijn, waarna de bedrijfsarts mee in het verhaal zou moeten stappen. Minister Vandenbroucke kaatste die bal meteen terug door erop te wijzen dat werkgevers nu al melding kunnen maken dat een werknemer meer dan een maand buiten strijd is en daarmee de tussenkomst van de bedrijfsarts activeren. Ze doen het alleen niet. Wat vind jij als HR-professional daar nu van?

Misschien kijken we best eerst eens naar de cijfers. In 2024 waren er volgens het RIZIV 526.000 mensen langdurig ziek en in 2023 boekte de overheid een totaalbedrag van 8 miljard euro voor uitkeringen voor arbeidsongeschiktheid in. Nog erger is dat die cijfers het echte probleem onderschatten. Wie bijvoorbeeld een burn-out doormaakt maar dankzij de juiste zorg na zes maanden weer aan de slag kan, wordt niet meegeteld. En naast de uitkering is er natuurlijk ook een moeilijk te ramen opportuniteitskost van een langdurig zieke werknemer: hoeveel die geproduceerd zou hebben als die niet ziek geworden was.

VOKA en Vandenbroucke wijzen nu naar de re-integratietrajecten waarin de werkgever samen met de werknemer en de arbeidsarts na één maand op zoek kan gaan naar oplossingen, bijvoorbeeld door middel van aangepast werk. VOKA pleit daarbij voor fitnotes: briefjes van de dokter die vertellen wat je wel nog kan, zodat je niet alle contact met de werkvloer verliest.

HR-professionals zien ongetwijfeld twee nuances. Ten eerste zijn velen van ons geneigd om bij de term langdurig zieken meteen aan burn-out en depressie te denken. Nochtans was in 2024 34% langdurig ziek omwille van spier-, pees- en gewrichtsproblemen. Bij de langdurig zieken ouder dan 55 is de uitval door mentale stoornissen zelfs maar 25% van het totale aantal.

Langdurig zieken zijn dus geen homogene groep en het is relevant om te benadrukken dat subgroepen een ingekort ziektebriefje en een uitnodiging van de arbeidsarts anders kunnen ervaren. Hoewel het bijvoorbeeld ook niet aangenaam aanvoelt als je jezelf met een lichamelijk aandoening moet aanbieden bij de arbeidsarts, gaat het hierbij vaak niet over een ernstig verstoorde relatie met de organisatie, leidinggevende of collega’s.

Bij mensen met een burn-outproblematiek is dat veelal wel zo, waardoor de mogelijkheid om binnen de maand alternatief werk te moeten aanvaarden in diezelfde organisatie een stuk drukkender kan aanvoelen. Zij willen rust vinden, deconnecteren en herbronnen, maar dat kan lastig zijn als het onder een strikte en korte deadline lijkt te moeten. Voor burn-outpatiënten die vaak sowieso al angsten hebben ontwikkeld, kan dit een bijkomende stressfactor zijn die het herstelproces in de weg kan staan. Een langer eerste ziektebriefje en het gevoel van te kunnen terugvallen op een huisarts die jouw persoonlijke historiek en leven buiten het werk goed kent, kunnen net drijvende factoren zijn naar een sneller herstel. Te snel controle willen nemen vanuit de organisatie kan dan contraproductief werken.

Ten tweede ligt de sleutel tot succes ongetwijfeld in hoe vertrouwd de werknemer is met de bedrijfsarts. We weten dat stress ontstaat als we geëvalueerd zullen worden, als die evaluatie gebeurt door iemand die we niet kennen en als diens beslissing een grote impact op ons leven zal hebben. Burn-out patiënten die de bedrijfsarts niet (goed) kennen, zouden dus angstiger kunnen staan tegenover zo’n reïntegratietraject na één maand ongeschiktheid.

In plaats van te focussen op de discussie over de geldigheid van het ziektebriefje, werken HR-professionals dan ook liever aan manieren om de bedrijfsarts nadrukkelijker en nuttiger te integreren in de wekelijkse arbeidsbeleving van de werknemer. Zodat uitgevallen werknemers aanvoelen dat ze in dat reïntegratietraject niet alleen bijgestaan worden door de eigen huisarts die zij vertrouwen en die hen buiten het werk kent, maar ook door een vertrouwde bedrijfsarts die hen op het werk kent en die ook het werk zelf kent. De impact van de oplossing op het leven van de burn-outpatiënten die door beide artsen bedacht wordt blijft uiteraard vaak groot, maar de verwachting van rechtvaardigheid en bekommernis is mogelijk hoger dan ooit tevoren.

Laten we deze week dus maar eens gebruiken om na te denken hoe we de arbeidsarts nuttig en frequent kunnen integreren in de werkcontext van onze werknemers. Of in het Engels: “a doctor a day, keeps the anxiety away”.

Ralf Caers

===

In zijn wekelijkse rubriek ‘Chili con Caers’ geeft Ralf Caers smaak aan de HR-actualiteit en roept hij op tot kritische reflectie

Schrijf je in op de wekelijkse HR-nieuwsbrief

Ook interessant

LEES MEER

Schrijf je in op de #ZigZagHR-Nieuwsbrief

  • Iedere dinsdagochtend om 8u00 in jouw mailbox
  • Ideeën, inspiratie, best & next practices over (de toekomst van) HR
  • Waarmee jij aan de slag kan in jouw organisatie of HR team