Wees welkom in ‘de tussentijd’

Constante verandering is de essentie van het leven. Vaak gaat dat geleidelijk, maar soms ook zo abrupt dat het je wereld op z’n kop zet. Dan moet je op zoek naar een nieuwe balans – maar dat duurt meestal wel even. En dat is maar goed ook, betogen Elke Geraerts en Jitske Kramer, vanuit hun expertise in de neuropsychologie en culturele antropologie. Want in die tussentijd zit enorm veel schoonheid en mogelijkheid tot groei. In hun Masterclass De Resilient Tribe laten ze zien hoe je die fase optimaal benut.

Crisis. Chaos. Transformatie. Het zijn grote woorden voor best alledaagse dingen. De meeste mensenlevens zijn ervan doorspekt: jezelf heruitvinden na een ziekte of een scheiding, je carrière met een zwiep een heel nieuwe richting geven, verhuizen naar een ander land, een reis maken die je voorgoed verandert. Vaak kun je er met een goed gevoel op terugkijken, maar dat maakt het proces niet zomaar makkelijk: je weet heel goed wat je achterlaat, maar wat je aan de andere kant gaat aantreffen, is nog totaal onduidelijk.

Niet weten als basis

En dat is prima, zegt Elke Geraerts. Ze is doctor in de psychologie en met haar bedrijf Better Minds at Work helpt ze mensen en organisaties hun mentaal kapitaal te activeren. “Vaak brengt een crisis allerlei opportuniteiten met zich mee om nieuwe manieren van leven en werken te vinden. Je wordt bijna gedwongen jezelf heruit te vinden. Een crisis is niet per se traumatisch, het kan juist heel prettig zijn om van daaruit naar iets nieuws te gaan.” Ze gebruikt vaak het beeld van de ‘leerkuil’.

“Veel mensen denken dat verandering altijd maar een opgaande lijn is, maar ze gaan juist eerst vaak door die kuil vol van zelftwijfel en onzekerheid. Dat ervaren ze als een crisis, maar is noodzakelijk om daadwerkelijk te leren. Die min of meer chaotische fase van het niet-weten staat aan de basis van je persoonlijke groei”.

Antropoloog Jitske Kramer, oprichter van Human Dimensions, reiziger, spreker en schrijver, weet dat dat voor groepen mensen niet anders ligt. Wat we als groep normaal – volgens de norm – vinden, hangt samen met wat we met elkaar afspreken.

“Mensen vormen culturen en culturen vormen mensen. Wat we samen als normaal bestempelen, ligt niet vast. Het zijn geen natuurwetten. En dat betekent dat wat we goed en fout vinden, normaal en abnormaal aan verandering onderhevig kan zijn. Tegelijkertijd zijn culturen gebaat bij continuïteit. We willen voortbestaan en dan is het wel zo handig om te behouden wat we hebben. Daarvan weten we in ieder geval wat we kunnen verwachten. We hebben onze maatschappij erop ingericht met allerlei sociale contracten en financiële stromingen.”

Zomaar even veranderen, zit er met zo’n constructie natuurlijk niet in – hoe duidelijk het ook is dat het oude systeem niet houdbaar is. Zo ontstaat een spanningsveld tussen de behoefte aan continuïteit en de noodzaak van verandering. “Neem economische groei, het brandpunt van onze samenleving. Lang werd die gezien als onstuitbaar, maar nu moeten we toch onderkennen dat het misschien meer kost dan het oplevert. Maar rondom welk nieuw concept we ons dan gaan organiseren is nog niet duidelijk. En bovendien is niemand het erover eens.” Net als bij een persoonlijke verandering levert zo’n culturele omslag chaos op, en een gebrek aan controle.

Een buitengewoon rare tijd

Dat kun je allemaal heel verontrustend vinden, maar je kunt je er ook in schikken, weet Jitske uit eigen ervaring. “Ik heb de afgelopen vijftien jaar meerdere keren crises en transformaties doorgemaakt”, vertelt ze. Zo was er het jaar dat ze ziek was – een haperende schildklier – en ineens niet meer kon doen wat ze wilde. Een aantal jaren daarna volgde een scheiding, weer een paar jaar later een bedrijf dat niet werd wat ze ervan hoopte. Toen haar nieuwe onderneming goed en wel stond, volgde er een pandemie. De laatste maanden brengt haar nieuwe liefde op weer een heel andere manier grote verandering in haar leven.

En steeds is daar weer diezelfde cyclus: crisis-tussentijd-transformatie.

“Die tussentijd noemen we in de antropologie liminaliteit, het ondertussen. Die laat zich kenmerken door chaos. Daar kun je je tegen verzetten, maar daar help je jezelf niet mee. Wel met acceptatie. Ik heb in al die grote veranderingen tegen mezelf gezegd: ik ga nu een hele abnormale tijd in en dat duurt misschien wel een jaar. Zeker alle seizoenen ga ik een buitengewoon rare tijd hebben. En van daaruit ga ik langzaam kijken wat het dan wél gaat worden. Ik dacht in die moeilijke momenten ook niet: ik ben een beetje gek. Nee: ik ben een beetje liminaal.”

Elke herkent het. Na jaren in de wetenschap besefte dat ze was afgedreven van wat ze eigenlijk wilde: direct contact met mensen, hen helpen op de werkvloer. Ze vond zichzelf opnieuw uit en werd ondernemer. “Een gigantische verschuiving, van mijn toch redelijk veilige cocon naar alles opnieuw moeten leren. Opeens wegwijs te worden in hoe je een jaarrekening leest en hoe je marketing doet en klanten rekruteert.” Het was niet de eerste keer dat ze zichzelf moest herscheppen en zeker ook niet de laatste. In 2020, middenin de coronacrisis, scheidde ze van haar man.

“Dat heeft een lange impact. Ik moet transformeren als mens en als moeder, dus dat proces is zeker nog niet klaar. Maar ondanks dat ik nog in de tussentijd zit, merk ik wel al een paar mooie gevolgen van die crisis. Een intensere band met mijn dochters bijvoorbeeld, net omdat ik ze minder vaak zie en dus meer in het nu leef met hen.” In haar vakgebied vindt ze, net als Jitske, troost: “Juist omdat ik weet dat ik al vaker op mijn veerkracht heb moeten teren. Ik vertrouw op mijn stel hersens.” Die gedijen prima in de liminale fase.

In het borrelen en bruisen van de Tussentijd gebeurt dus veel. Hoe maak je daar het meeste van?

Het oerwoud van je brein

Laten we eerst eens kijken wat er in de weg staat van een succesvolle transformatie. Dat is, zegt Elke, met name het brein zelf. Helaas: het heeft er vaak helemaal geen zin in. “Vooral in tijden van crisis, van stress en angst, is het verleidelijk voor ons brein om de geijkte paden te bewandelen, terug te vallen op de gewoontes van weleer. Wanneer je nieuwe gewoontes wil creëren, moet je echt een nieuw pad hakken door het oerwoud van je brein. Dat vergt tijd en inspanning. En daar houden mensen niet van. Ze proberen dan die leerkuil te omzeilen, maar dat is geen goed idee, want dan vermijd je dat je iets nieuws leert, dan vermijd je innovatie.

In mijn vakgebied probeer ik mensen te inspireren: hoe kan je zelf bewuster worden van hoe je brein werkt, en hoe kan je daar zelf meer impact op hebben?” Want het goede nieuws is dat je brein zich best kan laten sturen. “In de masterclass gaan we bijvoorbeeld dieper in op hoe je je kunt focussen op je prioriteiten. Je kunt je brein conditioneren om meteen naar de flow te gaan, om ongestoord te werken aan wat je echt belangrijk vindt. Een cruciale vaardigheid om goed door de liminaliteit te komen.”

Nog een gevaar is passiviteit. “Dat is ook een heel bekende reactie, het bevriezen uit het bekende rijtje fight-flight-freeze. Het is een staat van hypo-arousal, het tegenovergestelde van hyper-arousal, wat juist een gestrest, gejaagd gevoel is. Mensen leunen achterover, ondernemen geen actie en sluiten hun ogen voor de chaos. Ze gaan afwachten tot het vanzelf weer beter gaat.” Een begrijpelijke reactie, die ongetwijfeld voortkomt uit een gevoel van machteloosheid, maar je helpt jezelf en de wereld er niet mee. Het ontbreekt aan de visie en lef die nodig zijn voor een succesvolle transformatie.

“Iemand gebruikte laatst de analogie van een gebouw waar mensen lukraak allerlei kamertjes aan bouwen. Misschien een tijdelijke oplossing, maar uiteindelijk drijf je steeds verder af van de ideale situatie. Mensen durven nauwelijks met een schone lei te beginnen.”

Durf te stoppen

Terwijl dat juist zo aan te raden is, zegt ook Jitske. Afbreken die handel! “Dat hoort ook bij transformatie. Stoppen. Afscheid nemen. Laten gaan. Dat is ingewikkeld en soms niet leuk, maar wel noodzakelijk om ruimte te creëren voor het nieuwe. Ik vind het een interessant fenomeen: in de natuur heeft alles een einddatum. Geboorte en sterfte volgen elkaar op in een logische cyclus.

Maar voor organisaties kennen we dat concept helemaal niet: het moet altijd maar groeien en doorgaan. Ook als het van allerlei kunstmatige constructies aan elkaar hangt, net als bij het gebouw van Elke. Terwijl je ook zou kunnen zeggen: we laten het los, we geven dit bedrijf goede stervensbegeleiding met een terminale fase van een jaar of vijf. Eigenlijk een liminale fase. En in dat ondertussen kunnen we vast gaan bouwen aan iets nieuws, een nieuw systeem bedenken. Want daar komt dan ruimte voor.” Op persoonlijk niveau is dat niet anders.

Klinkt goed in theorie, maar hoe ga je dan om met heimwee naar het oude? Lekker in zwelgen, is Jitskes advies. En bouw er een ritueeltje omheen. “Zorg dat je ten diepste accepteert wat geweest is. Creëer een moment waarop je super nostalgisch ernaar terug mag verlangen, een soort rouw. Neem er een foto van, eet een stuk appelgebak, markeer het moment. En daarna eindig je met: nou, zo is het nu dus niet meer.”

De neuropsychologie onderschrijft dat, weet Elke: “Het helpt niet om dat soort negatieve gevoelens weg te drukken. Je kunt ze veel beter toelaten, om ze met succes te kunnen verwerken. Ik heb op de universiteit onderzoek gedaan naar hoe mensen met een traumatische ervaring omgaan. Bij oorlogsveteranen, maar ook slachtoffers van kindermisbruik. En dan zag je dat het herleven van het trauma, in plaats van het weg te stoppen een aanzienlijke impact had op hun posttraumatische stresssymptomen, in positieve zin. Dus ik ben absoluut voor het durven herleven, daar de tijd voor nemen, noteren bij jezelf dat je die hang hebt.”

Leiderschap over twee sporen

En je hoeft het niet alleen te doen. Jitske: “In de antropologie zijn de chief en de sjamaan bekende begrippen. In een proces van transitie heb je beide soorten leiderschap nodig. De chief om de dagelijkse gang van zaken op orde te houden in alle chaos, en de sjamaan die iets kan creëren wat er nog niet is. Dat geldt voor een samenleving, maar net zo goed voor individuen. Toen ik zo ziek was bijvoorbeeld, had ik iemand nodig die tegen me zei: nu ga je slapen, en dan sta je zo laat weer op en dan ga je je aankleden. Een chief die structuur aanbracht, want zelf kon ik dat op dat moment niet.

Tegelijkertijd had ik ook behoefte om met iemand te praten: als ik mijn oude leven niet terugkrijg, wat is er dan nog wel? Dat is dan liminaal leiderschap, je gaat praten met mensen die het tussengebied snappen: coaches, therapeuten, kunstenaars, spiritueel leiders. Ik had zelf een therapeut, een Engelsman, die zei: ‘You’re at the place where your soul is being built. Now you go build it.’ En dan zei ik: ‘Maar hoe dan?’ En dan antwoorde hij: ‘Well, usually it helps when just lay yourself on the couch and put a blanket over your head.’ Ga maar even bij het leed zijn, even luisteren naar je lijf en wat er nodig is. De vertwijfeling toelaten. Dat hielp ook echt. En dan gecombineerd met die ander, die zegt: ‘Oké, maar het is nu wel goed om even wat te eten. En stappen te nemen om tot actie te komen.’”

Beiden benadrukken het belang van positiviteit en vertrouwen in de liminale fase. “Words create worlds”, zegt Elke. Dat geldt niet alleen voor hoe je met jezelf praat, maar ook voor hoe we in de samenleving met elkaar praten. Negativiteit en cynisme zijn goed voor de kijkcijfers en krantenoplagen, maar ondertussen bestendig je het idee dat alles maar slecht gaat. Dat leidt weer tot die passiviteit en zo praten we onszelf een oneindige liminale fase in, in plaats van aan echte transformatie te werken.” Niet dat alles steeds maar regenbogen en bloemetjes hoeft te zijn, waarschuwt Jitske.

“De liminale fase is een emotionele fase. Het gaat over twijfel, verdriet, afscheid, hoop, verwachting. Dat wordt door organisaties vaak afgedaan als zweverig gedoe dat productiviteit en efficiëntie in de weg staat. Maar juist in die verzachting zit ook de mogelijkheid tot verbinding en vernieuwing. Ik denk dat in liminaliteit we het lef moeten hebben, de culturele normering moeten creëren, dat het oké is om op dat zachtere stuk met elkaar in gesprek te gaan.” Juist dat helpt bij het verwerken, het bouwen van vertrouwen, bij het doorleven van een transitie. In het delen van emoties en het met elkaar verbinden, zit de weg naar transformatie.

Elke Geraerts en Jitske Kramer brengen in de Masterclass De Resilient Tribe de belangrijkste inzichten uit de neuropsychologie en de culturele antropologie samen, zodat je beter en slimmer met de onzekerheid van deze tijd kunt omgaan. Op 13 maart in Antwerpen en op 16 maart in Hilversum.

💡 TIP: Gebruik de actiecode #ZigZagHR en krijg 50 euro korting!

Tekst: Peper Hofstede

Schrijf je in op de wekelijkse HR-nieuwsbrief

Twitter
Facebook
WhatsApp
LinkedIn
Email

Ook interessant

LEES MEER