Pesten begint vaak onder de radar

Samenvatting

Vier op de tien werknemers krijgen minstens af en toe te maken met roddels of informatie die wordt achtergehouden. Ernstige pesterijen treffen ongeveer één op de tien werknemers, een cijfer dat sinds 2020 nauwelijks daalt. Volgens IDEWE groeit pesten vaak uit kleine gedragingen die zich herhalen en stilaan normaal worden. Voor HR komt het erop aan zulke patronen te herkennen vóór er een formele klacht ligt.

Wie aan pesten op het werk denkt, denkt wellicht eerst aan beledigingen, intimidatie of openlijke uitsluiting. Maar vaak begint het kleiner en minder zichtbaar: met roddels, informatie die niet wordt doorgegeven, terugkerende grappen of een collega die stelselmatig buiten gesprekken valt. Nieuw onderzoek van IDEWE, gepubliceerd naar aanleiding van de Week tegen Pesten, brengt die minder zichtbare aanloop in beeld.

De cijfers zijn afkomstig uit psychosociale risicoanalyses bij 228.892 werknemers tussen 2020 en 2025. Daaruit blijkt dat 41% minstens af en toe met roddels wordt geconfronteerd en 40% ervaart dat informatie wordt achtergehouden. Openlijke uitsluiting uit groepsactiviteiten komt volgens 17% voor. Beledigingen en onaangename grappen of verrassingen worden door respectievelijk 13% en 11% gemeld.

Die percentages vragen om enige duiding. Ze betekenen niet dat vier op de tien werknemers structureel worden gepest. Ze tonen hoeveel werknemers minstens af en toe gedrag ervaren dat deel kan uitmaken van een pestproces. Het aandeel dat ernstige pesterijen rapporteert, schommelt sinds 2020 tussen 10% en 11%. Subtiele gedragingen komen dus breed voor, terwijl het aantal ernstige gevallen al jaren nauwelijks afneemt.

Wanneer een incident een patroon wordt

Niet elke roddel, gemiste uitnodiging of ontbrekende e-mail is een geval van pesten. De betekenis zit vooral in de herhaling en de gerichtheid. Wanneer telkens dezelfde collega informatie te laat krijgt, buiten gesprekken valt of het mikpunt van grappen wordt, ontstaat een patroon.

Dit zijn subtielere vormen van pesterijen en komen wellicht daardoor ook veel meer voor dan bijvoorbeeld de openlijke uitsluiting uit groepsactiviteiten”, zegt Lode Godderis, CEO van IDEWE en professor Arbeidsgeneeskunde aan KU Leuven.

Volgens IDEWE ontstaat pesten zelden van de ene dag op de andere. Kleine opmerkingen, grapjes of vormen van uitsluiting kunnen zich opstapelen en gaandeweg als normaal worden beschouwd. Het slachtoffer twijfelt mogelijk of het gedrag ernstig genoeg is om te melden, terwijl collega’s elk voorval afzonderlijk relativeren.

Niets doen kan het proces versterken. “Niet ingrijpen is geen neutrale houding. Voor een pester kan stilte aanvoelen als toestemming, terwijl diezelfde stilte voor het slachtoffer net voelt als een gebrek aan bescherming”, waarschuwt Godderis.

Grote verschillen tussen sectoren

Ernstige pesterijen worden iets vaker gemeld door jonge werknemers dan door oudere leeftijdsgroepen: 11% tegenover 9%. Bij mannen bedraagt het aandeel 11%, tegenover 7% bij vrouwen. De grootste verschillen zien we tussen sectoren. In de horeca rapporteert 19% ernstige pesterijen, gevolgd door transport met 16% en de bouw met 13%. In het onderwijs en de gezondheidszorg gaat het om 8%.

Uit die verschillen kan niet rechtstreeks een oorzaak worden afgeleid. Ze geven HR wel aanleiding om te kijken naar omstandigheden die het risico kunnen verhogen, zoals sterke machtsverschillen, afhankelijke posities, hoge werkdruk of een teamcultuur waarin harde omgangsvormen ingeburgerd zijn.

HR ziet vaak pas het einde van het proces

Een formele procedure, een duidelijk aanspreekpunt en toegang tot de preventieadviseur blijven noodzakelijk. Maar sociale veiligheid ontstaat vooral in het dagelijkse werk, lang vóór iemand een klacht indient.

“Het is belangrijk als organisatie een goed welzijnsbeleid te hebben waarin een open gesprekscultuur gestimuleerd wordt”, zegt Godderis. “Dat betekent een omgeving waarin werknemers ook de kleinere signalen dúrven aan te kaarten.”

Leidinggevenden staan dicht genoeg bij het team om veranderingen op te merken: een collega die stiller wordt, iemand die tijdens overleg nauwelijks nog aan bod komt of informatie die opvallend vaak niet bij dezelfde persoon terechtkomt. Zij hebben tijd, vaardigheden en steun nodig om zulke signalen te benoemen.

Voor HR ligt de belangrijkste les daarom in de fase waarin er nog geen dossier of formele klacht bestaat. Vier op de tien werknemers die subtiel pestgedrag ervaren, zijn niet automatisch vier op de tien slachtoffers van structureel pesten. Het cijfer laat wel zien hoe vaak gedragingen voorkomen die daartoe kunnen uitgroeien. Tegen de tijd dat het probleem onmiskenbaar is, heeft het vaak al lang kunnen groeien.

Bron: IDEWE, psychosociale risicoanalyses bij 228.892 werknemers, uitgevoerd tussen 2020 en 2025.

Schrijf je in op de wekelijkse HR-nieuwsbrief

LEES MEER

Schrijf je in op de #ZigZagHR-Nieuwsbrief

  • Iedere dinsdagochtend om 8u00 in jouw mailbox
  • Ideeën, inspiratie, best & next practices over (de toekomst van) HR
  • Waarmee jij aan de slag kan in jouw organisatie of HR team