Het betalingsgedrag in de Belgische B2B-markt staat onder druk. 84% van de Belgische leveranciers wordt te laat betaald door hun B2B-klanten en achterstallige facturen zijn intussen goed voor ongeveer 28% van de gefactureerde B2B-omzet. Dat blijkt uit de Atradius Payment Practices Barometer, een jaarlijks onderzoek van kredietverzekeraar Atradius naar betalingsgewoonten in de B2B-sector. De zwaarste klappen vallen bij kmo’s in de handel en bouwsector. Bedrijven verwachten een verdere verslechtering, met matige winsten en toenemende zorgen over insolventies.
Bedrijven worden noodgedwongen elkaars bankier
Bedrijven in heel West-Europa worden geconfronteerd met stijgende inputkosten en toenemende druk op de winstgevendheid, aangedreven door inflatie en volatiliteit van de energieprijzen als gevolg van geopolitieke spanningen. Tegelijkertijd blijven de rentes hoog en zijn banken voorzichtig in het toekennen van kredieten aan bedrijven. Net als in de rest van West-Europa dwingt die beperkte toegang tot bankfinanciering ook Belgische bedrijven om vaker op handelskrediet te vertrouwen om hun omzet te financieren. In België is het aandeel daarvan gestegen tot 54% van alle B2B-transacties.
“De verminderde toegang tot bankfinanciering dwingt bedrijven om alternatieve financieringsbronnen te verkennen, met name handelskrediet. Deze verschuiving vindt echter plaats op een moment dat de liquiditeit al onder druk staat, voornamelijk doordat achterstallige betalingen werkkapitaal blokkeren”, stelt Dimitri Pelckmans, Head of Risk Services bij Atradius België en Luxemburg.
Bouw en handel als zwakste schakels
Iets meer dan twee op de vijf bedrijven in België stellen betalingen uit om financiële ademruimte te creëren. KMO’s in de bouwsector en de handel maken het vaakst gebruik van deze praktijk. Bedrijven in beide sectoren geven bovendien aan dat het beheer van de dagelijkse cashflow door betalingsrisico’s veel moeilijker is geworden.
Impact op de hele keten
Bijna twee keer zoveel bedrijven in België als in West-Europa melden verliezen door oninbare vorderingen tot 5% en meer van hun B2B omzet. Daardoor blijft er minder geld over voor de dagelijkse bedrijfsvoering: een derde van de bedrijven geeft aan over minder liquide middelen te beschikken voor de bedrijfsactiviteiten en meer dan een kwart van de respondenten wendt zich tot externe financiering, vaak tegen hogere kosten. Naarmate betalingsachterstanden vaker voorkomen, verspreidt het betalingsrisico zich door de toeleveringsketens, waardoor de financiële druk op het hele bedrijfsleven toeneemt.
Vooruitzichten blijven gespannen
In tegenstelling tot de rest van West-Europa zien de Belgische bedrijven het somber in. Meer ondernemingen verwachten dat het B2B betalingsgedrag op korte termijn zal verslechteren dan dat het zal verbeteren. 40% rekent bovendien op een stijging van het aantal insolventies. Bedrijven noemen economische vertraging, kostendruk en geopolitieke instabiliteit als de drie belangrijkste risico’s voor B2B-betalingen in de komende twaalf maanden.
Eén lichtpunt: ongeveer twee op de vijf Belgische bedrijven zegt intussen een meer gestructureerde aanpak te hanteren voor het beheer van het betalingsrisico van klanten om hun cashflow op korte termijn stabiel te houden.
“Bedrijven die zich aanpassen aan deze nieuwe realiteit en het betalingsrisico actief beheren, staan sterker. De uitdaging voor bedrijven ligt in het vinden van een balans tussen flexibiliteit en het aanscherpen van controles waar de druk toeneemt”, besluit Pelckmans.





