Drie populaire leiderschapsmythes die meer kwaad dan goed doen
Elk jaar schuiven duizenden professionals door naar hun eerste leiderschapsrol. Een eerste mijlpaal die vaak voorgesteld wordt als het begin van een ‘glorieus’ leiderschapstraject. Plots krijg je een titel en verwachtingen maar de handleiding ontbreekt. Van nieuwe leiders wordt verwacht dat ze meteen scoren, terwijl ze vooral moeten leren omgaan met onduidelijkheid en zoeken naar houvast. Het gevolg? Ze trappen massaal in dezelfde valkuilen: goedbedoelde leiderschapswijsheden die catchy klinken, maar in de praktijk meer kwaad dan goed doen. Hogan Assessments legt drie van die mythes bloot. Inspirerende oneliners? Misschien. Maar wie ze blindelings volgt, ondergraaft misschien wel zijn geloofwaardigheid én zijn carrière.
Fabel #1: “Laat wat meer van jezelf zien” – kwetsbaarheid met een prijskaartje
Kwetsbaarheid is hip. Leiders zouden open moeten zijn, emoties tonen, hun menselijke kant laten zien. Dat klinkt sympathiek. En in de juiste dosis kan dat ook verbindend werken. Maar er is een grens. En veel nieuwe leiders merken pas dat ze erover zijn gegaan wanneer het te laat is.
Te veel delen vervaagt professionele grenzen. Het put uit, bij jezelf én bij je team. Uit onderzoek van het Europees Agentschap voor veiligheid en gezondheid op het werk (EU-OSHA) blijkt dat 59% van de Europese werknemers emotionele belasting als een grote stressfactor ervaart.
“Wanneer leiders hun hart op tafel gooien, schuiven ze die last vaak onbedoeld door naar hun medewerkers. Dan voelt je team zich meer therapeut dan collega,” waarschuwt Dr. Ryne Sherman.
Kortom: leiderschap vraagt om emotionele intelligentie, maar ook om emotionele discipline. Kwetsbaarheid zonder rem sloopt vertrouwen in plaats van het te bouwen.
Fabel #2: De valkuil van ‘authenticiteit’
“Wees gewoon jezelf!” klinkt het vaak. Maar wat als je ‘echte ik’ angstig, bot of ongefilterd is? Authentiek zijn kan dan meer kwaad dan goed doen.
Echt leiderschap draait niet om je eigen gemoedstoestand. Het draait om richting geven, duidelijkheid bieden en zorgen voor houvast. Authenticiteit als excuus voor onvoorspelbaar gedrag ondermijnt dat. Geen toeval dat slechts 13% van de Europese werknemers zich echt betrokken voelt bij hun job, zo blijkt uit Gallup-onderzoek.
“Niet pure authenticiteit, maar strategisch zelfbewustzijn onderscheidt de goede van de geweldige leiders. Je leidt geen dagboek, je leidt mensen,” zegt Dr. Ryne Sherman.
Fabel #3: Charisma verkoopt – maar betaalt zich zelden uit
Charisma werkt als een magneet. Het trekt de aandacht, geeft energie en katapulteert mensen soms razendsnel naar een leiderschapsrol. Alleen… charisma is geen strategie. En zeker geen vervanging voor competentie.
Onderzoek van de Universiteit van Lausanne toont aan dat meer dan 60% van de charismatische leiders laag scoort op lange termijn prestaties en helderheid in beslissingen. Een harde reality check: charisma inspireert, maar verleidt ook tot te veel beloven en te weinig waarmaken.
“Charisma verblindt op korte termijn, maar maskeert vaak een gebrek aan planning, discipline en verantwoordelijkheid. Het is vuurwerk: spectaculair, maar snel uitgefikt,” zegt Dr. Ryne Sherman.
Tot slot
Voor nieuwe leiders voelt de start vaak als koorddansen tussen hoge verwachtingen en grote onzekerheid. Populair leiderschapsadvies klinkt geruststellend, maar mist vaak nuance. Kwetsbaarheid, authenticiteit en charisma zijn geen slechte eigenschappen, maar wie ze blind volgt, raakt sneller de pedalen kwijt dan hem lief is.
“Neem dus even ademruimte, stel de mantra’s in vraag en onthoud: goed leiderschap gaat niet alleen om de rollen die je speelt, maar vooral om de rollen die je beter níét speelt,” besluit Dr. Ryne Sherman.





