Altijd aan? Drie jaar deconnectierecht botst op flexibele werkrealiteit

Samenvatting

Drie jaar na de invoering van het deconnectierecht worden nog steeds 6 op de 10 Vlaamse bedienden buiten werkuren gecontacteerd, en voelen de meesten zich verplicht snel te reageren. Flexibel werken maakt het moeilijk om duidelijke grenzen te trekken, terwijl veel bedrijven nog geen heldere afspraken hebben. Het recht helpt wel – minder stress en meer assertiviteit – maar werkt pas echt als organisaties duidelijke verwachtingen en transparante werktijden hanteren.

Drie jaar na het invoeren van het recht op deconnectie blijkt dat veel bedrijven nog worstelen met het vinden van de juiste balans tussen flexibiliteit en bereikbaarheid. Volgens een onderzoek van Protime bij 1.000 Vlaamse bedienden worden zes op de tien werknemers (60,6%) nog buiten de werkuren gecontacteerd door hun leidinggevende. Van deze werknemers heeft bijna twee op de drie (62,4%) het gevoel dat ze zo snel mogelijk moeten reageren. “We werken steeds flexibeler, waardoor het moeilijker wordt om een duidelijk overzicht te houden op wanneer werknemers aan het werk zijn én wanneer niet”, zegt Jan Van Autreve, CEO van Protime. “Tijdsregistratie kan helpen om werknemers te beschermen tegen overbelasting.”

Op 1 april viert het recht op deconnectie zijn derde verjaardag. Wie werkt binnen een bedrijf met meer dan twintig werknemers, krijgt daarbij het recht om buiten de werkuren geen telefoontjes, e-mails of berichten te beantwoorden, tenzij in uitzonderlijke omstandigheden.

Uit een recent onderzoek van Protime bij 1.000 Vlaamse bedienden, blijkt echter dat veel bedrijven nog worstelen met het vinden van de juiste balans tussen flexibiliteit en bereikbaarheid. Zo’n zes op de tien werknemers (60,6%) worden nog buiten de werkuren gecontacteerd door hun leidinggevende.

Het gaat dan om berichtjes (62,7%), telefoontjes (50%), mails (44,7%) en chatberichten (15,7%). Bijna een derde (31,8%) wordt af en toe tot vaak gecontacteerd door z’n baas ‘s avonds of in het weekend, terwijl dit bij 28,8% zelden voorvalt.

Waarom blijkt deconnectie in de praktijk niet altijd eenvoudig? “We werken vandaag veel flexibeler dan vroeger, waardoor onze werk- en privétijd vaker door elkaar lopen”, zegt Jan Van Autreve, CEO van Protime. “Zo geeft een derde van de Vlaamse bedienden geen vast uurrooster meer. Met werkschema’s die minder overlappen, wordt het voor leidinggevenden moeilijker om te weten wanneer werknemers aan het werk zijn én wanneer niet. Tijdregistratie kan bedrijven helpen om een beter zicht te krijgen in de gewerkte tijd. In combinatie met duidelijke afspraken helpt dit organisaties om hun teams beter te organiseren én om de rustmomenten van werknemers respecteren.”
Toch blijkt uit het onderzoek dat ruim zes op de tien werknemers (62,4%) zich nog verplicht voelen om zo snel mogelijk op te nemen of berichtjes of mails te beantwoorden. Bij meer vrouwen (65,1%) dan mannen (59,3%) is dat het geval. In vier op de tien gevallen gaat het bovendien om zaken die volgens werknemers echt wel kunnen wachten.

Het deconnectierecht betekent niet dat werknemers geen mails meer mogen ontvangen buiten de werkuren, maar wel dat ze geen nadelige gevolgen mogen ondervinden als ze niet reageren wanneer ze niet aan het werk zijn. Toch voelen de meeste werknemers zich wel verplicht om meteen te reageren”, zegt Lode Godderis, professor arbeidsgeneeskunde aan de KU Leuven. “Bedrijven doen er goed aan expliciet aan te geven welke verwachtingen ze hebben en duidelijke afspraken te maken met hun werknemers.”

Toch zeggen amper vier op de tien respondenten (41,1%) dat er bij hun organisatie duidelijke richtlijnen bestaan over de bereikbaarheid buiten de werkuren. Bijna evenveel respondenten (42,2%) zeggen van niet terwijl de overige 16,7% dit niet wist.

“Het recht op deconnectie werkt pas echt wanneer organisaties duidelijke afspraken maken over bereikbaarheid buiten de werkuren, én een goed zicht hebben op de werktijden van hun medewerkers,” zegt Jan Van Autreve. “Wanneer de werktijden en planning transparant zijn, kunnen werknemers zich tijdens de werkuren focussen op hun taken en zijn ze productiever, om daarna ook écht los te koppelen.”

Het deconnectierecht geen maat voor niets

Is het recht op deconnectie dan een goed initiatief? Zeker wel, volgens 85% van de respondenten. Voor ruim één op de drie (34,2%) heeft het deconnectierecht hun werkstress verlaagd. Meer dan vier op de tien respondenten (41,4%) staan ook meer op hun strepen wanneer ze buiten de werkuren gecontacteerd worden. Daarnaast ervaart zo’n derde van de respondenten (30,7%) dat ze minder vaak gebeld te worden. Bij de vrouwen loopt dit op tot 33,3%, tegenover 27,6% bij de mannen. Bovendien nam het aantal e-mails en berichtjes na de werktijd af voor respectievelijk 24,5% en 25,6% van de respondenten.

Gebeld buiten de werkuren sinds het deconnectierecht:

  • Meer: 5%
  • Evenveel: 64,3%
  • Minder: 30,7%

Gemaild buiten de werkuren sinds het deconnectierecht:

  • Meer: 6,6%
  • Evenveel: 68,8%
  • Minder: 24,5%

Berichten (via sms, WhatsApp,…) buiten de werkuren sinds het deconnectierecht

  • Meer: 8,6%
  • Evenveel: 65,8%
  • Minder: 25,6%

Professor Lode Godderis wijst nog op een moeilijk evenwicht: “Een duidelijk werkschema kan zeker helpen om effectief te deconnecteren. In de praktijk zie ik hier vaak problemen opduiken omwille van de flexibiliteit die zowel werkgevers als werknemers willen. Flexibiliteit werkt enkel als ze aan beide kanten geldt: je kan niet verwachten dat werkgevers soepel omgaan met telewerk en tussentijdse privéafspraken, terwijl werknemers zich strikt vasthouden aan hun vaste werkuren als van hen flexibiliteit gevraagd wordt. Duidelijke, expliciete verwachtingen van beide kanten zijn essentieel. Alleen zo blijft echte deconnectie mogelijk en vermijd je dat flexibiliteit omslaat in permanente beschikbaarheid.”

Portret IDEWE 044 scaled e1730794744536

Over het onderzoek

Het online onderzoek werd uitgevoerd door onderzoeksbureau iVOX in opdracht van Protime tussen 28 januari en 9 februari 2026 bij 1.000 Nederlandstalige bedienden. Het onderzoek is representatief op geslacht en leeftijd. De maximale foutenmarge bij 1.000 bedienden bedraagt 3,02%.

Schrijf je in op de wekelijkse HR-nieuwsbrief

Ook interessant

LEES MEER

Schrijf je in op de #ZigZagHR-Nieuwsbrief

  • Iedere dinsdagochtend om 8u00 in jouw mailbox
  • Ideeën, inspiratie, best & next practices over (de toekomst van) HR
  • Waarmee jij aan de slag kan in jouw organisatie of HR team