Slechts één op vier werknemers zal instappen in mobiliteitsbudget

Samenvatting

Grote Belgische werkgevers verwachten dat slechts 26% van de werknemers met een bedrijfswagen zal instappen in het mobiliteitsbudget. Wie overstapt, kiest volgens hen vaak opnieuw voor een wagen, maar dan elektrisch. Omdat gemiddeld vier op de tien bedrijfswagens nodig zijn voor professionele verplaatsingen, zal het mobiliteitsbudget vermoedelijk vooral het wagenpark vergroenen en minder snel het aantal bedrijfswagens verminderen. Intussen heeft 18% van de grote ondernemingen het budget al ingevoerd en is 38% volop bezig met de voorbereiding. Hogere kosten, logistieke uitdagingen en extra administratie voor HR vormen de belangrijkste bezorgdheden.

Grote Belgische werkgevers verwachten geen massale overstap weg van de bedrijfswagen

Hoewel grote werkgevers vanaf 2027 verplicht worden een mobiliteitsbudget aan te bieden, verwachten Belgische ondernemingen met minstens 250 werknemers geen massale overstap. Gemiddeld schatten zij dat slechts 26% van de werknemers met een bedrijfswagen interesse zal hebben in het mobiliteitsbudget. Dat blijkt uit een studie van SD Worx bij 250 grote werkgevers in België. Meer dan de helft van de werkgevers verwacht bovendien dat werknemers het budget vooral zullen gebruiken om opnieuw voor een wagen te kiezen, zij het een 100% elektrische. Tegelijk geven bedrijven aan dat gemiddeld 40% van hun bedrijfswagens nodig is voor professionele verplaatsingen zoals klantenbezoeken, waardoor de wagen voor veel medewerkers ook een essentieel werkinstrument blijft.

Werkgevers verwachten beperkte interesse

Met de nakende verplichting vanaf 2027 verschuift de vraag van “zijn bedrijven voorbereid?” naar “zal het ook effectief gebruikt worden?” Hoewel het mobiliteitsbudget vaak wordt voorgesteld als een alternatief voor de bedrijfswagen, verwachten werkgevers niet dat werknemers massaal zullen ingaan op het mobiliteitsbudget. Gemiddeld schatten zij de interesse op 26%. Slechts een kwart van de bedrijven denkt dat meer dan 40% van de betrokken werknemers zal overstappen.

Vier op tien werkgevers bereiden invoering van mobiliteitsbudget voor

De verplichting komt snel dichterbij. Vandaag heeft 18% van de grote Belgische ondernemingen het mobiliteitsbudget al ingevoerd en geeft nog eens 19% aan grotendeels klaar te zijn voor de implementatie. De grootste groep, 38%, is momenteel bezig met voorbereidingen zoals het berekenen van de budgetten en installatie en integratie van de softwareoplossing. Opvallend is dat 21% nog steeds hoopt dat de verplichting wordt uitgesteld.

Wie overstapt, kiest vaak opnieuw voor een wagen

De grootste verrassing is waarvoor werkgevers denken dat geïnteresseerde werknemers het mobiliteitsbudget zullen gebruiken. Volgens de helft (52%) van de ondernemingen zal een overstapper vooral kiezen voor een 100% elektrische wagen. “Dat zou echt veel meer zijn dan wat we vandaag zien: vandaag is de keuze voor de wagen beperkt tot ongeveer 5% van wie voor het mobiliteitsbudget kiest. Meest populaire keuze vandaag is de terugbetaling van de huisvestingskosten.”

Ook dit schatten de werkgevers hoog in. Op de tweede plaats volgt de terugbetaling van huisvestingskosten (41%) en op de derde plaats duurzame vervoersoplossingen zoals openbaar vervoer, fiets of deelmobiliteit (34%). Op die manier kan het mobiliteitsbudget in eerste instantie bijdragen aan de vergroening van het wagenpark dan aan een sterke afbouw van het aantal bedrijfswagens.

Vier op tien bedrijfswagens dienen voor klantenbezoek

Dat werkgevers slechts beperkte interesse verwachten voor het mobiliteitsbudget, hangt samen met de aard van het wagengebruik. Volgens de ondernemingen is gemiddeld 40% van hun bedrijfswagens nodig voor professionele verplaatsingen. Bij een kwart van de grote werkgevers gaat het zelfs om minstens 63% van de wagens. Voor werknemers die regelmatig klanten bezoeken, verschillende vestigingen aandoen of vaak onderweg zijn, blijft een wagen daarom een noodzakelijk werkinstrument.

79ba 01a039ffe0847eb2a9e02df8a6fc5fc3

“Het mobiliteitsbudget wordt stilaan een vast onderdeel van het verloningsbeleid, maar werkgevers verwachten geen grote verschuiving weg van de bedrijfswagen. Dat heeft niet alleen te maken met de waardering voor dit voordeel, maar ook met de realiteit van heel wat functies. Volgens werkgevers is gemiddeld vier op tien bedrijfswagens nodig voor professionele verplaatsingen. Voor een aanzienlijke groep werknemers blijft de wagen dus in de eerste plaats een werkinstrument. We verwachten daarom dat het mobiliteitsbudget vooral zal bijdragen aan een verdere vergroening van het wagenpark, eerder dan aan een snelle afbouw ervan.”

Maarten De Boeck, senior consultant bij SD Worx

De specialist vervolgt: “Wanneer de werknemer deze niet nodig heeft voor de job en voldoet aan de voorwaarden voor de terugbetaling van huisvestingkosten, is de kans wel groter dat het leidt tot een wagen minder.”

Werkgevers vrezen hogere kosten

De invoering van het mobiliteitsbudget brengt volgens werkgevers verschillende uitdagingen met zich mee. Een derde (34%) verwacht hogere kosten. Daarnaast verwijst 33% naar logistieke uitdagingen, zoals de nood aan bijkomende laadinfrastructuur. Ook de administratieve complexiteit blijft een belangrijk aandachtspunt: 32% verwacht extra werk voor HR, bijvoorbeeld voor het berekenen van budgetten en het begeleiden van werknemers bij hun keuzes. Verder ziet 30% weerstand tegen de elektrische wagen. Andere bezorgdheden zijn een gebrek aan interesse bij werknemers (21%), beperkte kennis (19%) en lopende leasecontracten die werkgevers liefst niet vervroegd stopzetten om bijkomende kosten te vermijden (18%).

“Een succesvolle invoering van het mobiliteitsbudget vraagt meer dan alleen een aanpassing van het mobiliteitsbeleid. Werkgevers moeten vaak verschillende HR-, payroll-, fleet- en mobiliteitssystemen met elkaar verbinden. Wie kiest voor een geïntegreerde aanpak en tijdig communiceert met medewerkers, vermijdt heel wat administratieve complexiteit en kan werknemers beter begeleiden bij hun keuze;”

Maarten De Boeck, senior consultant bij SD Worx.

Over de studie

Dit onderzoek werd uitgevoerd door middel van een online kwantitatieve bevraging door CityDataDWes bij 250 Belgische bedrijven met minstens 250 werknemers. Voor de vragen rond het mobiliteitsbudget werden de ondernemingen bevraagd die bedrijfswagens aanbieden. Twee derde stelt minstens een wagen ter beschikking. De respondenten zijn HR-verantwoordelijken of personen die betrokken zijn bij de HR-besluitvorming binnen hun organisatie. Het veldwerk liep van 3 tot en met 15 juni 2026 en de gemiddelde invultijd bedroeg ongeveer acht minuten. De steekproef omvat een evenwichtige verdeling van middelgrote en grote ondernemingen uit verschillende sectoren, regio’s en internationale contexten, waarbij zowel bedrijven met een Belgische als een buitenlandse hoofdzetel vertegenwoordigd zijn. 15% is werkzaam in Industrie en bouw, 42% in de tertiaire dienstensector en 40 % in de quartaire dienstensector.

Schrijf je in op de wekelijkse HR-nieuwsbrief

LEES MEER

Schrijf je in op de #ZigZagHR-Nieuwsbrief

  • Iedere dinsdagochtend om 8u00 in jouw mailbox
  • Ideeën, inspiratie, best & next practices over (de toekomst van) HR
  • Waarmee jij aan de slag kan in jouw organisatie of HR team