In een tijdperk waarin veranderingen elkaar snel opvolgen, kijkt iedereen maximaal vier jaar vooruit. In onze interviewreeks ‘De toekomstkoffer’ nodigen we CHRO’s daarom uit om op langere termijn te denken. Want de keuzes die zij vandaag (niet) maken, bepalen (grotendeels) mee de toekomst van werk en HR. We stellen hen voor een uniek scenario: ze krijgen de kans om een toekomstkoffer samen te stellen die pas over 20 jaar geopend zal worden. Deze koffer bevat 5 voorwerpen die hun visie en nalatenschap als HR-leiders weerspiegelen: het belangrijkste HR-thema dat de komende 20 jaar volgens hen aan belang zal winnen; een persoonlijke boodschap; een symbool van hun bedrijfscultuur; een persoonlijk item en een HR trend die volgens hen in 2046 nog steeds relevant zal zijn.
Deze keer kijken we mee in de toekomstkoffer van Ann De Mol, Head of HR bij Koning Boudewijnstichting. In een organisatie waar maatschappelijke impact centraal staat en complexe vraagstukken de dagelijkse realiteit vormen, krijgt HR een bijzondere invulling. De Koning Boudewijnstichting zet zich in om het samenleven te verbeteren, in België én daarbuiten. Dat doet ze door maatschappelijke uitdagingen te identificeren, mensen en middelen samen te brengen en oplossingen te stimuleren. Die missie trekt een specifiek type professionals aan: geëngageerde, nieuwsgierige mensen die willen bijdragen aan verandering. En net dat maakt de HR-context zo boeiend én uitdagend.
“Je kan maatschappelijke problemen niet oplossen zonder mensen samen te brengen”
“Als ik één thema in mijn toekomstkoffer moet steken, dan is het zonder twijfel verbinding,” vertelt Ann. “Onze organisatie draait rond het samenbrengen van mensen. Aan de ene kant heb je mensen die geconfronteerd worden met maatschappelijke problemen, aan de andere kant filantropen die willen bijdragen aan oplossingen. Daartussen zit dialoog, luisteren, co-creatie. Dat is geen proces dat je kan automatiseren.”
Hoewel ook binnen de stichting technologie en AI aan belang winnen, ziet ze duidelijke grenzen. “Je kan veel ondersteunen met technologie, maar echte verbinding, empathie, luisteren… dat blijft mensenwerk. Dat is de essentie van wat wij doen en dat zal in 2046 nog altijd zo zijn.”
“Pippi Langkous zit een beetje in mijn hoofd”
Als symbool voor wat haar typeert als HR-leider kiest ze niet voor een tastbaar object, maar voor een mindset. “Ik heb altijd een beetje die Pippi Langkous in mijn hoofd: ‘Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan.’”
Die houding is volgens haar noodzakelijk in een wereld die steeds complexer en onvoorspelbaarder wordt. “Wij werken rond maatschappelijke thema’s. Dat is geen voorspelbare omgeving. De vragen veranderen voortdurend, de context verandert, de stakeholders veranderen. Je moet dus durven experimenteren, nieuwe dingen proberen en niet bang zijn voor het onbekende.” Die mindset vertaalt zich ook naar HR. “Je kan niet alles vastleggen in procedures. Natuurlijk hebben we een beleid, maar we blijven bewust flexibel en mensgericht. Anders verlies je aansluiting met de realiteit.”
“Ons logo zegt meer dan we denken”
Als symbool van de organisatie kiest ze voor het logo van de stichting. “We hebben recent een oefening gedaan rond onze naam en ons logo.” Voor Ann staat het logo symbool voor vertrouwen, reputatie en onafhankelijkheid. “Dat is wat mensen met ons associëren. En dat is ook waarom filantropen, vandaag zelfs internationaal, met ons willen samenwerken.”
De stichting viert dit jaar haar vijftigjarig bestaan, maar kiest er bewust voor om dat niet op zichzelf te richten. “We zetten onze stakeholders in de kijker, de mensen en organisaties waarmee we samenwerken. Want wij bestaan bij gratie van hen.”
“Welzijn is ook sociale gezondheid”
Wanneer Ann vooruit kijkt naar de komende jaren, ziet ze welzijn als een blijvend belangrijk thema. Maar ze vult dat breder in dan vaak gebeurt. “We spreken veel over mentaal en fysiek welzijn, maar het belang van sociale gezondheid wordt nog zwaar onderschat.”
Ze maakt zich zorgen over de manier waarop jongere mensen vandaag verbonden zijn. “Ze zijn continu geconnecteerd, maar meestal niet fysiek. Alles verloopt via berichten, via chats en tools. Het echte contact verdwijnt daardoor een beetje. En ik vraag mij af wat dat op lange termijn betekent.” Daarom zet de organisatie bewust in op informele momenten. “We organiseren kleine initiatieven om mensen samen te brengen. Gewoon om die verbinding te stimuleren. Dat lijkt banaal, maar het is essentieel.”
“Diversiteit is geen keuze, maar een noodzaak”
Diversiteit en inclusie staan hoog op de agenda. “Wij werken rond maatschappelijke uitdagingen. Die kan je alleen begrijpen als je ze bekijkt vanuit verschillende perspectieven.” Dat maakt diversiteit volgens haar een absolute voorwaarde. “Je hebt verschillende achtergronden nodig, verschillende leeftijden, verschillende ervaringen. Anders mis je een stuk van de realiteit.”
“Menselijke natuur vraagt een menselijke HR”
De boodschap die ze wil meegeven aan HR-leiders van 2046 is om mensgericht te blijven. “HR moet toegankelijk zijn door te luisteren, echt te luisteren en verbanden te kunnen zien.” Ze verzet zich tegen een te sterke specialisatie. “Ik ben van opleiding socioloog. Ik kijk naar de mens in zijn context, in zijn groep. Dat brede perspectief vind ik essentieel.” Volgens haar schuilt daar ook een valkuil voor de toekomst. “We dreigen alles op te delen in specialisaties en hokjes. Maar net de samenhang begrijpen, dat is de kracht van HR.”
“Je moet kunnen schipperen tussen boven en beneden”
Wanneer ze nadenkt over haar nalatenschap, komt ze terug bij haar rol als bruggenbouwer. “HR zit in een bijzondere positie. Je zit mee aan tafel in de directie, maar je moet ook weten wat er leeft op de werkvloer.” Die balans is niet eenvoudig, geeft ze toe. “Je moet beslissingen mee vormgeven, maar tegelijk de belangen van medewerkers bewaken. Dat vraagt empathie, maar ook moed.” Als ze hoopt dat collega’s zich iets van haar herinneren, dan is het dat. “Dat ik die verbinding heb gemaakt. Dat ik waarden en cultuur heb bewaakt. En dat ik toegankelijk ben gebleven.”
“Minder vergaderen en meer doen”
En wanneer die toekomstkoffer in 2046 wordt geopend? Dan is ze niet langer actief op de arbeidsmarkt, maar stilzitten zit er zeker niet in. “Ik ben vandaag al actief in verschillende vzw’s. Dat wil ik blijven doen. Misschien minder vergaderen en meer doen.” Ze lacht. “Ik ben bijvoorbeeld betrokken bij een sociaal buurtrestaurant. Misschien geef ik het voorzitterschap door en ga ik gewoon mee koken. Dat lijkt mij ook wel eens fijn.”
Het vat haar parcours mooi samen: betrokken blijven, verbinden en bijdragen. Alleen misschien net iets meer met de handen dan met vergadertafels 🙂





