De wereld van werk verandert sneller dan ooit. Artificial intelligence, hybride werkvormen en verschuivende waarden herschrijven niet alleen hoe we werken, maar ook hoe we erin groeien. Vooral de instapjobs, de onderste sporten van de carrièreladder, verdwijnen stilaan. Dat zet druk op jonge starters, maar ook op bedrijven en de samenleving. Om te begrijpen wat dat betekent, starten UCLL en Unique Career begin 2026 een grootschalig onderzoek: The Future of Work. Ze zullen daarvoor zowel laatstejaarsstudenten als werkgevers bevragen over de vaardigheden, verwachtingen en uitdagingen van morgen. De resultaten worden in mei 2026 bekendgemaakt, maar #ZigZagHR wilde niet zo lang wachten. In een nieuwe aflevering van #ZigZagHR Brainpickings ging Lesley Arens in gesprek met Tanja Piessens (Unique België), en Julien De Wit, schrijver en onderzoeker, om nu al vooruit te blikken op de inzichten van morgen.
“We moeten de brug tussen onderwijs en werk opnieuw bouwen”
Het onderzoek wil bruggen slaan tussen hoger onderwijs en bedrijfswereld. “We willen begrijpen hoe jongeren zich voorbereiden op de arbeidsmarkt en hoe bedrijven aantrekkelijk kunnen blijven voor een generatie die vrijheid, flexibiliteit en zingeving zoekt,” zegt Tanja Piessens. De kloof tussen leren en werken is vandaag groter dan ooit. Jongeren verlaten het onderwijs met theoretische bagage, terwijl organisaties vooral praktische inzetbaarheid verwachten. “Laatstejaarsstudenten overschatten zichzelf soms, maar werkgevers onderschatten even vaak hun potentieel,” vult Julien De Wit aan. “Dat wederzijds begrip moeten we herstellen.”
“AI versnelt groei voor sommigen, maar sluit anderen buiten”
Een van de centrale onderzoekslijnen is de impact van artificiële intelligentie. Volgens De Wit zorgt technologie voor een seniority bias: ze versterkt wie al verder staat, maar zet de eerste stappen van starters onder druk. “AI neemt net de taken over die vroeger typisch waren voor juniors – notuleren, opzoekwerk doen, verslagen schrijven,” zegt hij. “Daardoor wordt de leercurve veel steiler. Starters moeten sneller meedraaien, terwijl er minder tijd is om te leren.”
Voor Tanja is dat geen doembeeld, maar een wake-upcall. “Bedrijven moeten stoppen met zoeken naar kandidaten die ‘klaar zijn voor de start’. Leren gebeurt on the way maar dan wél in een veilige context waar fouten mogen.”
Want zonder juniors vandaag, zijn er morgen geen seniors meer.
“Veerkracht is geen nice-to-have, maar een noodzaak”
Naast technologische kennis blijven leerbereidheid en veerkracht de sleutelvaardigheden van de toekomst. “Feedback kunnen ontvangen én ermee leren omgaan is cruciaal,” zegt Tanja. “Het is de snelste weg naar groei.”
De Wit plaatst dat in een bredere maatschappelijke context. “We hebben een generatie grootgebracht die we wilden behoeden voor moeilijkheden. Ook werkgevers doen dat: ze willen mensen beschermen tegen uitdagingen. Maar net door die uitdagingen te overwinnen, bouw je veerkracht op.”
Werk, zegt hij, hoeft je niet gelukkig te maken. “Het is de taak van een werkgever om een context te creëren waarin mensen zichzelf gelukkig kúnnen maken. Werkgeluk zit niet in de fruitmand of yogales, maar in kansen om te groeien.”
“Een diploma is geen eindpunt, maar een startticket”
Een trend die Tanja en Julien opmerken, is de groei van graduaatsopleidingen: kortere, praktijkgerichte trajecten die jongeren sneller inzetbaar maken. “Bedrijven zoeken profielen die snel kunnen schakelen,” zegt Piessens. “En jongeren kiezen daar bewust voor. Waar een diploma vroeger een statussymbool was, is het nu een springplank.”
De Wit ziet dat diploma’s aan erosie onderhevig zijn. “We verschuiven van een diplomacultuur naar een employability-cultuur. Skills, attitude en potentieel wegen zwaarder dan titels.” Of zoals Piessens het samenvat: “Je bent nooit afgestudeerd. En dat is prima.”
“Engagement is geen luxe, het is wederkerig”
Bedrijven investeren zwaar in onboarding, terwijl jongeren sneller van job wisselen. Is dat een generatiekwestie? “Niet noodzakelijk,” zegt De Wit. “Jongeren vergelijken zich gewoon meer. Op LinkedIn zie je tien vrienden die promotie maken, en je denkt: waarom ik niet? Dat is menselijk.”
Hij vergelijkt het met daten. “Solliciteren is een beetje als daten. Zodra er een match is, verwacht je engagement van beide kanten. Bedrijven investeren in hun mensen, maar die energie moet ook terugkomen.”
Tanja vult aan: “Jonge professionals willen snel verantwoordelijkheid en groei. Dat is positief, maar het vraagt van bedrijven dat ze feedback, vertrouwen en realistische verwachtingen combineren.”
“De renaissance van de diepgang”
Zijn bedrijven vandaag op zoek naar generalisten of specialisten? “Eigenlijk naar allebei,” zegt Piessens. “Ze willen mensen met een brede blik én met focus. Die combinatie maakt medewerkers wendbaar.”
De Wit noemt dat de “renaissance van de diepgang”. In een wereld waar AI het oppervlakkige werk overneemt, wordt diep kunnen gaan opnieuw een troef. “Wie echt iets kan, blijft relevant.”
“We moeten de kloof tussen leren en werken dichten”
Volgens De Wit is een van de grootste uitdagingen de mismatch tussen onderwijs en arbeidsmarkt. “De afstand tussen afstuderen en je eerste job is nog altijd te groot. Meer stages, meer duaal leren, meer ruimte om te ontdekken wat echt bij je past, dat is waar onderwijs en bedrijven elkaar moeten vinden.”
Tanja vult aan: “Kijk als werkgever niet alleen naar diploma’s, maar naar de mens erachter: hobby’s, interesses, waarden. Daar zit vaak het echte potentieel.”
“De mens verandert niet, de context wel”
“We moeten stoppen met te denken dat elke generatie fundamenteel anders is,” zegt De Wit. “Jongeren zijn geen aliens die plots op de arbeidsmarkt landen. De context verandert, de mens niet.” Het is een nuchtere maar hoopvolle boodschap: de toekomst van werk is geen breuk met het verleden, maar een nieuwe interpretatie van dezelfde menselijke zoektocht naar betekenis en groei.
“Werk wordt menselijker – en dat geeft hoop”
Beiden kijken hoopvol vooruit. “Mensen mogen steeds meer zichzelf zijn op de werkvloer, en waarden krijgen een centrale plek,” zegt Tanja. “En jongeren durven grenzen stellen,” vult De Wit aan. “Ze accepteren niet langer dat burn-out de prijs is van succes. Dat is een morele vooruitgang.”
Hun gezamenlijke conclusie: AI mag dan sneller leren dan wij, het is de mens die blijft groeien.





