Wat de Belgische economische vooruitzichten betekenen voor rekrutering, retentie en loonkosten
Het Federaal Planbureau schetst in zijn vooruitzichten voor 2025 en 2026 een Belgische economie die traag maar stabiel groeit, met licht stijgende werkgelegenheid en een dalende inflatie. Achter die cijfers verandert de arbeidsmarkt in samenstelling en dynamiek. Enerzijds komen er meer 65-plussers bij door de verhoging van de pensioenleeftijd en de populariteit van flexijobs. Anderzijds worden meer mensen opnieuw geactiveerd door de beperking van de werkloosheidsuitkeringen in de tijd. Tegelijkertijd zorgen automatische loonindexeringen ervoor dat werknemers hun koopkracht behouden, terwijl werkgevers geconfronteerd worden met structureel hogere loonkosten. Voor HR-professionals betekent dit dat de focus de komende jaren niet alleen op aantrekken en behouden van talent ligt, maar ook op duurzame inzetbaarheid en kostenbeheersing.
Traag maar stabiel: economie blijft groeien
De Belgische economie groeit in 2025 met 1,2% en in 2026 met 1,1%. Hoewel dit geen spectaculair cijfer is, zorgt de combinatie van particuliere consumptie, bedrijfsinvesteringen en een licht herstel van de uitvoer voor een gestage vooruitgang.
Voor HR vormt deze economische stabiliteit een kader waarin organisaties kunnen blijven investeren in talent en werkgelegenheid.
Een arbeidsmarkt met nieuwe dynamieken
De werkgelegenheid neemt toe met 26.000 banen in 2025 en nog eens 38.000 in 2026. De werkgelegenheidsgraad stijgt lichtjes tot 72,6%. Maar belangrijker dan de aantallen is de samenstelling van de arbeidsmarkt. Door de verhoging van de pensioenleeftijd en de populariteit van flexijobs zullen meer 65-plussers actief blijven. Tegelijkertijd worden door activeringsmaatregelen meer werkzoekenden opnieuw beschikbaar.
De arbeidsmarkt blijft dus krap, maar wordt dynamischer en diverser.
Werkloosheidscijfers: stijging en daling tegelijk
De officiële Eurostat-werkloosheidsgraad klimt van 5,7% in 2024 naar 6,4% in 2026. Dat lijkt onrustwekkend, maar de administratieve cijfers van de RVA tonen een daling. De verklaring ligt in de beperking van de werkloosheidsuitkeringen in de tijd vanaf 2026: minder mensen worden als uitkeringsgerechtigde geregistreerd, maar meer mensen worden geactiveerd om opnieuw werk te zoeken.
Voor HR betekent dit een grotere instroom van kandidaten, al is de inzetbaarheid niet altijd vanzelfsprekend.
Koopkracht beschermd, loonkosten stijgen
Dankzij de automatische loonindexering blijft de koopkracht van werknemers grotendeels overeind. Het reëel beschikbaar inkomen van gezinnen stijgt met 1,2% in 2025 en met 1,0% in 2026. Tegelijkertijd daalt de inflatie tot 1,4% in 2026, waardoor de loonstijgingen sterker doorwegen voor werkgevers.
Werknemers voelen dus financiële stabiliteit, maar werkgevers moeten hun HR-beleid afstemmen op structureel hogere loonkosten.
Wat betekent dit concreet voor HR?
Voor HR-professionals tekenen zich enkele duidelijke prioriteiten af. Rekrutering wordt beïnvloed door een groter aanbod aan kandidaten, maar vraagt gerichte selectie en opleidingen om inzetbaarheid te verzekeren. Retentie blijft cruciaal, want de strijd om talent blijft fel, ondanks stijgende werkloosheidscijfers. Daarnaast wordt duurzame inzetbaarheid belangrijker, nu oudere werknemers langer actief blijven en aangepaste werkmodellen vragen.
Kostenbewustzijn is onvermijdelijk: de loonindexering leidt tot hogere vaste kosten, waardoor productiviteit en efficiëntie centraal komen te staan. Tot slot wordt employer branding steeds strategischer. Werknemers hechten belang aan zekerheid, koopkracht en groeikansen. Wie die elementen weet te vertalen in een sterk werkgeversverhaal, zal zich onderscheiden in een arbeidsmarkt die tegelijk krap en complex blijft.
Conclusie: HR staat voor structurele veranderingen
De vooruitzichten van het Federaal Planbureau tonen geen crisisscenario, maar wel een arbeidsmarkt die blijvend in verandering is. Het gaat niet enkel om conjuncturele schommelingen, maar om structurele verschuivingen. De verhoging van de pensioenleeftijd en de groei van flexijobs zorgen ervoor dat werknemers langer actief blijven. De beperking van de werkloosheidsuitkeringen wijzigt fundamenteel de instroom van kandidaten op de arbeidsmarkt. En de automatische loonindexering, in combinatie met de vergrijzing, legt een blijvende druk op loonkosten en personeelsbeleid.
Voor HR betekent dit dat de spelregels veranderen op lange termijn: organisaties moeten structureel investeren in activering, opleiding en duurzame inzetbaarheid, terwijl ze tegelijk retentie en productiviteit centraal stellen. Wie die uitdagingen tijdig aangaat, bouwt niet alleen weerbaarheid op voor 2026, maar ook een stevig fundament voor de arbeidsmarkt van de toekomst.
[Bron: Federaal Planbureau, Economische begroting – vooruitzichten 2025-2026 (september 2025)]





