Progressieve werkhervatting neemt fors toe, maar groei valt stil

Volgens cijfers van Acerta steeg het aandeel werknemers in een werkhervattingstraject met 51% sinds 2021. De nieuwe maatregelen van 2026 zorgen voorlopig niet voor een bijkomende versnelling.

Het aandeel werknemers in een progressief werkhervattingstraject is de voorbije vijf jaar met 51% gestegen. Van alle werknemers in ons land nam in 2021 2,03% deel aan zo’n traject. In 2026 is dat aandeel gestegen naar 3,08%. Vooral vrouwen zitten vaker in een progressief werkhervattingstraject dan mannen. Daarnaast doorlopen arbeiders gemiddeld vaker progressieve werkhervatting dan bedienden (2,66%). Dat blijkt allemaal uit een analyse van hr-expert Acerta op basis van reële tewerkstellingsgegevens van 427.000 werknemers bij 30.000 werkgevers.

Sinds begin dit jaar worden bedrijven aangemoedigd om extra inspanningen te leveren waarmee ze langdurig zieken terug naar de werkvloer krijgen, onder meer met stijgende loonkost voor langdurige zieken. Werkgevers moeten sinds 1 januari 2026 ook geen gewaarborgd loon meer uitbetalen aan werknemers, wanneer die tijdens een traject van progressieve werkhervatting opnieuw volledig arbeidsongeschikt zijn. Het zijn enkele van de maatregelen waarmee de federale overheid langdurig afwezigen wil activeren en bedrijven wil aansporen om een werkhervattingstraject op te starten. De focus die overigens al enkele jaren op de langdurig zieken ligt, lijkt zijn vruchten af te werpen, blijkt uit nieuwe cijfers van Acerta.

Op vijf jaar tijd is het aandeel werknemers in een progressief werkhervattingstraject op de Belgische werkvloer met meer dan de helft (51%) toegenomen. In 2021 zat gemiddeld 2,03% van alle werknemers in de Belgische ondernemingen in een traject van progressieve werkhervatting. In 2026 was dat al 3,08%. Sinds begin dit jaar is er wel nauwelijks evolutie zichtbaar: van 3,02% in januari naar 3,06% in september. De bijkomende nieuwe maatregelen die sinds 1 januari in voege zijn, hebben dus voorlopig nog geen zichtbaar effect in deze cijfers.

Geert Polspoel, juridisch expert bij Acerta: “De voorbije jaren nam het aantal langdurig afwezigen in invaliditeit jaar na jaar toe, zo blijkt uit officiële RIZIV-cijfers. Daardoor groeit ook de groep werknemers voor wie progressieve werkhervatting een mogelijke stap richting werk kan zijn. De stijging past ook in een bredere evolutie waarbij steeds meer aandacht gaat naar de re-integratie van langdurig zieke werknemers. De federale overheid heeft de voorbije jaren verschillende maatregelen genomen om de terugkeer naar werk te begeleiden en te ondersteunen.”

Afhankelijk van geslacht, statuut en leeftijd

Verder valt het op dat vrouwen sinds 2021 dubbel zo vaak een traject van progressieve werkhervatting volgen dan mannen. Van januari tot en met september 2026 hervatte gemiddeld 4,19% van de vrouwen progressief het werk tegenover 1,92% bij de mannen. Het aandeel werknemers met progressieve werkhervatting verschilt ook naargelang het statuut: gemiddeld 2,66% bij bedienden versus gemiddeld 3,81% bij arbeiders voor de eerste negen maanden van 2026.

Tot slot zien we duidelijke verschillen naargelang de leeftijd. Jongere werknemers komen zelden in een traject voor progressieve werkhervatting terecht: bij werknemers jonger dan 25 jaar ligt het aandeel rond gemiddeld 0,29% in januari-september 2026. Vanaf 50 jaar stijgt het aandeel sterk tot gemiddeld ongeveer 4,69% bij 50-54 jaar, 5,53% bij 55-59 jaar en 5,16% bij 60-64 jaar.

Geert Polspoel, juridisch expert bij Acerta: “Dat arbeiders vaker opnieuw progressief aan de slag gaan, kan te maken hebben met het feit dat ze fysiek werk verrichtten. Hun klachten zijn bijgevolg ook vaker fysiek, waardoor hun werkhervattingstraject makkelijker vast te leggen is. Over het algemeen vallen vrouwen wel vaker langdurig uit dan mannen. Logisch dus dat zij vaker een traject van progressieve werkhervatting volgen. Net zoals het te voorspellen is dat oudere werknemers vaker langdurig uitvallen en dus regelmatiger een traject van progressieve werkhervatting aanvangen.”

Over de cijfers

Voor dit onderzoek analyseerde Acerta een dataset van geanonimiseerde tewerkstellingsgegevens van ruim 427.000 werknemers bij 30.000 werkgevers in België. Daarbij werden de cijfers van wettelijke vakantiedagen van januari tot en met augustus van elk jaar tussen 2022 en 2026 met elkaar vergeleken.

Schrijf je in op de wekelijkse HR-nieuwsbrief

LEES MEER

Schrijf je in op de #ZigZagHR-Nieuwsbrief

  • Iedere dinsdagochtend om 8u00 in jouw mailbox
  • Ideeën, inspiratie, best & next practices over (de toekomst van) HR
  • Waarmee jij aan de slag kan in jouw organisatie of HR team