Door het conflict in Iran zijn benzine en diesel duurder geworden. Voor werknemers die dagelijks met de auto op pad zijn, kan dat op maandbasis een aanzienlijk verschil maken. Maar geeft die stijging van de brandstofprijzen automatisch recht op een hogere kilometervergoeding? Katty Kerkhofs, Legal Expert bij Partena Professional, beantwoordt de meest gestelde vragen.
Heb je automatisch recht op een hogere kilometervergoeding?
“Niet als je je eigen wagen gebruikt voor je verplaatsingen van en naar het werk”, zegt Katty Kerkhofs. “Het gebruik van een privéwagen voor woon-werkverkeer geeft in principe geen automatisch recht op een tussenkomst van de werkgever in de kosten die de werknemer maakt. Voor beroepsverplaatsingen ligt dat anders.”
Met andere woorden: duurdere brandstofprijzen geven op zich geen automatisch recht op een hogere vergoeding.
Wanneer is een tussenkomst voor woon-werkverkeer dan verplicht?
Een tussenkomst van de werkgever is verplicht als daarover afspraken bestaan:
- in de arbeidsovereenkomst,
- in een ondernemingsakkoord,
- of in een sectorale collectieve arbeidsovereenkomst die algemeen verbindend is verklaard.
“In veel paritaire comités bestaan cao’s die voorzien in een tegemoetkoming voor verplaatsingen met privévervoermiddelen. Daarbij moeten de sectorale regels eventueel worden gecombineerd met gunstigere afspraken op ondernemingsniveau of in de individuele arbeidsovereenkomst”, aldus Katty Kerkhofs.
Die regels kunnen best divers zijn. Zo hebben bedienden in pc 200 recht op de terugbetaling aan 50% van de kostprijs van een treinabonnement (2e klas) wanneer ze met de wagen naar het werk rijden, op voorwaarde dat de werknemer niet meer verdient dan een jaarlijks geïndexeerd plafond (36.688 euro per jaar). Voorziet een sector geen specifieke regel – zoals bij de vrije beroepen (pc 336) – dan heeft de werkgever het laatste woord. Hij kan bijvoorbeeld opteren om een forfaitaire kilometervergoeding toe te kennen op basis van de sociale en fiscale grensbedragen.
Gelden de regels voor woon-werkverkeer dan niet bij beroepsverplaatsingen?
“Dat klopt. Bij beroepsverplaatsingen moet de werkgever, de kosten van de verplaatsing voor zijn rekening nemen, behalve wanneer hij een vervoersmiddel en brandstof ter beschikking stelt voor deze verplaatsingen”, verduidelijkt Katty Kerkhofs. “De werkgever kan ofwel de werknemer terugbetalen op basis van de werkelijke kosten, maar in dat geval moet hij het bedrag van deze uitgaven verantwoorden, ofwel de door de fiscus en de RSZ aanvaarde forfaitaire bedragen toepassen. In de praktijk gebruikt men vaak die forfaitaire kilometervergoeding.”
Kan een werkgever beslissen om de kilometervergoeding te verhogen?
“Ja, in bepaalde gevallen wel. Wanneer een werkgever vandaag een kilometervergoeding hanteert die lager ligt dan de sociale en fiscale grensbedragen, kan hij ervoor kiezen om een hogere vergoeding toe te kennen”, verklaart Katty Kerkhofs van Partena Professional. “Die verhoging is evenwel niet onbeperkt. De werkgever kan de vergoeding slechts verhogen tot aan de sociaal en fiscaal aanvaarde grensbedragen.”
Wat zijn die grensbedragen precies?
Sinds 1 april 2026 bedraagt de driemaandelijks geïndexeerde kilometervergoeding 0,4327 euro per kilometer. Tijdens de eerste drie maanden van 2026 was dat nog 0,4326 euro per kilometer.
Daarnaast bestaat er ook een jaarlijks geïndexeerde kilometervergoeding. Voor de periode van 1 juli 2025 tot en met 30 juni 2026 bedraagt die 0,4449 euro per kilometer. Een werkgever maakt een keuze tussen de jaarlijkse of de driemaandelijkse indexatie. Kies je voor de toepassing van het forfaitair systeem op jaarbasis, dan moet je dit bedrag toepassen gedurende de volledige periode van 1 juli tot en met 30 juni.
Zijn dat vaste bedragen of maximumgrenzen?
“Die bedragen zijn sociale en fiscale grensbedragen. Ze gelden dus als maximumbedrag dat als onkostenvergoeding wordt aanvaard”, verduidelijkt Katty Kerkhofs. “Dat betekent ook dat een werkgever perfect een lager tarief kan toepassen. In dat geval kan hij beslissen om zijn tussenkomst op te trekken, zolang hij binnen die grensbedragen blijft.”
Het gaat bovendien om all-inforfaits: ze dekken onder meer brandstof, onderhoud en verzekering.
Volgt de kilometervergoeding automatisch de stijgende brandstofprijzen?
In België wordt de kilometervergoeding meestal gebaseerd op een forfaitair bedrag dat periodiek door de overheid wordt aangepast. Om sneller te kunnen inspelen op schommelingen in de brandstofprijzen wordt de kilometervergoeding sinds 1 oktober 2022 elk kwartaal geïndexeerd.
“Als jouw werkgever dat officiële tarief volgt, dan stijgt je vergoeding automatisch wanneer dat tarief wordt aangepast. Maar in de privésector is het niet verplicht om dat officiële tarief te volgen, tenzij de sector dit oplegt . Een werkgever kan ook een eigen, lager of vast tarief hanteren. Hanteert hij vandaag een lager tarief dan de grensbedragen, dan kan hij er wel voor kiezen dat naar aanleiding van de gestegen brandstofkosten te verhogen”, zegt Katty Kerkhofs.
Wat is de essentie voor werknemers?
De stijgende brandstofprijzen betekenen niet automatisch dat elke werknemer recht heeft op een hogere kilometervergoeding. Voor woon-werkverkeer hangt dat af van de afspraken die gelden in de onderneming of sector. Voor beroepsverplaatsingen moet de werkgever de kosten wel dragen, maar ook daar bepaalt het toepasselijke kader welk bedrag precies verschuldigd is.
Een werkgever die vandaag een lager tarief toepast, kan de forfaitaire vergoeding dus verhogen, maar enkel binnen de sociale en fiscale grensbedragen.
De stijgende brandstofprijzen vormen ook een opportuniteit om na te denken over duurzamere mobiliteitsoplossingen. Werkgevers kunnen medewerkers stimuleren om gebruik te maken van alternatieven zoals de fiets of het openbaar vervoer.
Een verhoogde tussenkomst voor een fiets of het toekennen van een leasefiets, een volledige terugbetaling van openbaar vervoer of het combineren van verschillende vervoersmiddelen kunnen interessante opties zijn. Deze alternatieven zijn vaak niet alleen milieuvriendelijker, maar ook financieel aantrekkelijk. Bovendien komen ze ook de gezondheid van de werknemer ten goede.





